woensdag 20 november 2013

Centraal Bureau voor Genealogie identificeert oudste stadszegel Rotterdam

Op de locatie Markthal, vlakbij Station Blaak in Rotterdam, is een unieke detectorvondst gedaan door Bureau Oudheidkundig Onderzoek Rotterdam (BOOR). Het gaat om een tweedelig messing doosje in de vorm van een schildpadschild, waarin een waszegeltje van niet meer dan 2 centimeter werd aangetroffen. Vanwege het kleine formaat en de onleesbaarheid van het randschrift en de afbeelding in het zegelveld werd heraldische expertise ingewonnen bij het Centraal Bureau voor Genealogie.

Met behulp van strijklicht en digitale beeldbewerking kon door het CBG het zegel geïdentificeerd worden als het contrazegel van Rotterdam. Het randschrift luidt CLAVIS SIGILLI DE ROTTERDAM. Contrazegels werden afgedrukt op de achterkant van het grootzegel om fraude te ontmoedigen. Het was een waarborg voor authenticiteit. Grootzegel en contrazegel werden dan ook apart bewaard. Later verdween het contrazegel naar de achtergrond doordat andere meer toepasselijke zegels werden gebruikt voor verschillende soorten afspraken, transacties en handelingen binnen de groeiende stedelijke economie.

Het opmerkelijke aan deze afdruk van het contrazegel is, dat het niet samen met het grootzegel is toegepast, maar als eigenstandig zegel. Dat kunnen we zien aan de vingerafdruk aan de achterzijde en het restant van de zegelstaart. Wellicht heeft het aan een transportakte gehangen. De functie van het zorgvuldig gehamerde doosje is onbekend.


















Het zegel is aangetroffen in een grondlaag die uit de periode van rond 1400-1450 stamt, maar is zelf ouder. Vergelijkingen met de oudste Rotterdamse stadszegels uit 1351 die in de gemeentearchieven van Delft en Utrecht berusten, leveren een periodisering op van 1300-1350. Dit is op de bodemvondst te zien aan de ruitvormige vlakbewerking in het zegelveld en de prille versie van het Rotterdamse 'wapen' die nog niet op een schild is terechtgekomen. Voorgesteld is een paal (de Rotte) met aan de onderzijde de dam. Aan weerszijden zijn nog verticale blokjes te zien die volgens de archeologen de beperkte bedijkingen voorstellen aan de benedenloop van de Rotte. Dat is een opmerkelijk verschil als men dit vergelijkt met de reeds bekende zegels van 1351 die de dam in het midden van de Rotte laten zien. De stadsbegrenzing, de zogenaamde stabboom, is in de loop van de veertiende eeuw meer in zuidelijke richting verplaatst, waarbij zandbanken in de Maas werden ingedijkt en bebouwd.
De vervaardiging van het stempel van deze zegelafdruk kan hebben plaatsgehad rond 1340, het moment waarop Willem IV, graaf van Holland-Henegouwen de stad definitieve stadsrechten verleende. Maar al eerder, in 1299 heeft de stad officiële rechten gekend die direct werden ingetrokken, omdat Wolfert van Borssele, voogd van de graaf van Holland werd vermoord en diens opvolger onmiddellijk Rotterdam boycotte. Na het midden van de veertiende eeuw raakten contrazegels in hun algemeenheid wat overbodig door toepassing van andere zegeltypen. Hiermee kan deze bodemvondst wel eens het oudste stadszegel van Rotterdam zijn.

Nadat vandaag de landelijke bladen met het nieuws komen zal de bodemvondst door Guus van Breugel uitgebreid besproken worden in ons kwartaalblad Genealogie, te verschijnen in de week van 5 december 2013. Nadien komt er een meer wetenschappelijke bijdrage van zijn hand in het Rotterdams Jaarboekje 2013.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen