maandag 13 december 2010

Rouwborden CBG op Merwede-tentoonstelling

Door Henk 't Jong


Het CBG heeft twee wapenborden uit zijn collectie uitgeleend voor een tentoonstelling in Dordrecht genaamd Riddersporen. Herinneringen aan Huis te Merwede. De tentoonstelling is vanaf 29 januari 2011 te zien in Het Hof, de sfeervolle expositieruimte in de refter van het voormalige Augustijnenklooster in de oude binnenstad van Dordrecht.

Het betreft een klein ruitvormig rouwbord met alleen het geschilderde wapenschild van een familie Van der Merwede, met een parelkroon erboven, en een veel groter, geheel uit hout gesneden exemplaar dat duidelijk tot dezelfde familie behoorde. Beide zijn te dateren in de achttiende eeuw. In tegenstelling tot het wapen van de middeleeuwse Van der Merwedes, dat op een rood veld een rechte zilveren dwarsbalk vergezeld van vijftien gouden penningen of bezanten laat zien, is de dwarsbalk op beide rouwborden golvend. Dat duidt aan dat we hier met een breuk te maken hebben.

De hoofdtak van de bekende middeleeuwse familie Van der Merwede telde vanaf 1243 zeven opeenvolgende Daniëls, maar stierf in 1403 uit. Maar er waren nog zijtakken en één daarvan was die van Dirk van de(r) Merwede, ridder, heer van Eethen en Meeuwen (ca. 1383-1452). Hij was een telg uit een zijlijn die al in de vroege veertiende eeuw heer van Sliedrecht was, in de Grote Waard op de zuidelijke oever van de Merwede. Hij kan gezien worden als de laatste echte mannelijke Merwede. Hij had namelijk slechts twee dochters als wettige nakomelingen.  Daarnaast ‘teelde’ hij echter ook nog een drietal natuurlijke zonen bij een juffrouw Van Uitwijck.  Eén van die bastaarden was de zoveelste Daniël van der Merwede, overleden ca 1512, die voor nageslacht zorgde dat nog tot in de negentiende eeuw actief was in Oost-Nederland. De mannelijke leden van die familie waren voornamelijk leidinggevende militairen, terwijl enkele andere telgen openbare functies vervulden in Zwolle en Kampen.

Halverwege de negentiende eeuw was er nog maar één tak over toen Joan Frederik van der Merwede in 1847 overleed.  Hij had elf kinderen, waaronder vier zonen. Zijn  vrouw vertrok, met alle kinderen, op 22 februari 1848 naar Amerika. In de census van New York voor het jaar 1880 werd Emanuel, één van de zonen, genoemd als hoofd van een gezin. De anderen, behalve een inwonende zus, komen niet in die census voor; wie weet zijn ze naar het Westen getrokken.  Het gezinshoofd noemde zich Emanuel Merwede en was bloemist. Zijn gezin zorgde voor een nageslacht dat tot nu toe als Van der Merwede in de US voorkomt. Emanuel kwam overigens ook nog een enkele keer in de archieven voor met de titel baron, maar daar had hij geen recht op. De familie heeft nooit deel uitgemaakt van de Nederlandse adel van na 1815. In de US kraaide daar natuurlijk geen haan naar. Latere generaties hebben zich, voor zover bekend, niet meer van die titel bediend.

Hoe de  rouwborden (er bestaat nog een derde die lijkt op het grote gebeeldhouwde exemplaar) bij het CBG terechtgekomen zijn is niet bekend. Dat ze van de Van der Merwedes uit Oost-Nederland afkomstig zijn is duidelijk, want van deze familie zijn ook enkele oude zegels bekend die hetzelfde wapen laten zien. Eén heeft er zelfs een randschrift met de naam Robbert van der Merwede, een achttiende-eeuwse magistraat.

Volgend jaar heeft iedereen dus de mogelijkheid de borden van dichtbij te bekijken in Dordrecht. Daarna kan de onlangs geconsolideerde ruïne van het vroeg veertiende-eeuwse Huis Te Merwede aan de gelijknamige rivier bezocht worden. Van het huis zal op de tentoonstelling ook een virtuele versie te zien zijn, inclusief een reconstructie van de zaal van de hand van ondergetekende.

1 opmerking: