maandag 14 juni 2010

Wapenboek I (1318-1765) Lieve Vrouwe Broederschap geïllustreerd door Job Marten de Lange

door Guus van Breugel


Sinds enige maanden zijn de scans van de jaarrekeningen, koorboeken en wapenboeken van de Illustere Lieve Vrouwe Broederschap in 's-Hertogenbosch online raadpleegbaar gemaakt door het Brabants Historisch Informatie Centrum. De wapenboeken zijn geïndiceerd op familienaam. De manuscripten staan eenvoudig bekend als Wapenboek I (1318-1765), Wapenboek II (1766-1993) en Wapenboek III (1962-2009). http://www.bhic.nl/index.php?id=11886

De wapenillustraties in de drie boeken hebben een zekere charme, want ze laten een heel eigen handschrift en routine zien zonder dat er sprake is van een grote tekenvaardigheid. Historisch gezien is het aardig om in het eerste wapenboek (1318-1765) de politieke omwenteling van 1629 aan de hand van de wapens te bekijken, toen de katholieke "Moerasdraak" - zoals de onneembare vesting 's-Hertogenbosch toen werd genoemd - in Staatse handen terecht kwam. Eeuwenlang zag men in dit boek dezelfde namen circuleren van belangrijke inheemse families. Vóór 1629 telde de Broederschap al uitheemse namen in haar ledenbestand, maar dan betrof het vaak leden van de hoge adel in de Nederlanden. Na de cesuur van 1629 echter, verschenen er steeds meer namen die voor de Meierij van Den Bosch uitheems klonken en die kennelijk met de nieuwe bestuurlijke orde meekwamen zoals Van Heerma, Van der Does, Zoreth, Verster, Van Loë en veel anderen. Ook het Centraal Bureau voor Genealogie had al in 1965 een vijftal gelijksoortige wapenboeken in bezit, onder andere via het legaat Van Beresteyn. Deze hebben bij nader inzien dezelfde illustrator als Wapenboek I van de ILV Broederschap.


Identificatie van de illustrator

Wapenboek I telt vanaf folio 42 verso tot folio 141 met waterverf gekleurde wapens, gemaakt door één en dezelfde persoon. De laatste pagina's met wapens zijn duidelijk door een andere achttiende eeuwse hand getekend. Omdat nergens een signatuur te zien is, mag hier gezegd worden dat het werk "zichzelf signeert". Om heraldisch tekenaars van elkaar te onderscheiden kun je het beste kijken naar hun leeuwen. Leeuwen zijn tamelijk complex en hebben daardoor altijd een neerslag van de persoonlijke hand. Wapenboek I van de Illustere Lieve Vrouwe Broederschap is grotendeels geïllustreerd door Job Marten de Lange. Het was niet moeilijk om de overeenkomst te zien tussen de leeuwen in deze delen en de leeuwen in Wapenboek I. Ook de kronen komen volledig overeen.

Het wapen van Willem de Zwijger in Wapenboek I, omgeven met de orde van het Gulden Vlies

Een leeuwtje waaraan De Lange zo goed te herkennen is


Job de Lange produceerde meerdere heraldische handschriften die in opzet veel weg hebben van Wapenboek I van de Broederschap. Zo maakte hij aan de hand van een lijst van schepenen van de stad Gorinchem (zijn geboorteplaats) twee keer een wapenoverzicht. Eén lopend vanaf het jaar 1300 (voorheen in bezit van de graaf van Looz) en één boekje dat in 1897 berustte bij Mr. J. Acquoy (lopend over de periode 1315-1783)( De Nederlandsche Heraut, Tijdschrift op het gebied van Geslacht-, Wapen- en Zegelkunde, 1897). Een aanzienlijk deel van De Lange's oeuvre zou in de late achttiende eeuw in handen geweest zijn van Barend van Lockhorst. (Jurriaan van Toll, Nederlandsche sibbekundigen, Naarden 1944).


De Lange's leven en werk (1652-1732)

Job Martin (of Hiob Marten) de Lange kwam uit een welgestelde familie en was aldus hemzelf "Gebooren tot Gorinchem den 11 Junij 1652". Zijn vader was de Gorkummer schepen Marten de Lange, zijn moeder Helena Rochatis (zie voor zijn voorgeslacht J.D. Wagner, de Nederlandsche Heraut, 1897). Over zijn levenswandel, weten we - afgezien van zijn heraldische productie - vrijwel niets. Bekend is dat hij als gedreven kopiist heraldische gegevens verzamelde tot aan Noord-Frankrijk toe, wat mijns inziens toch wel moet duiden op voldoende middelen. Zijn heraldische activiteiten waren vooral liefhebberij, maar ook deels in opdracht. Uit een post uit de stadsrekeningen van 's-Hertogenbosch d.d. 1720, is bekend dat hij wapens schilderde, misschien voor in een representatieve ruimte van het stadhuis: "Item betaelt aen J.M. de Lange 24 gulden 18 stuivers voor het schilderen van de wapens der 40 heeren van de leeden dezer stadsregering." (Van Zuijlen, Stadsrekeningen, 1871).
Via Anton Schuttelaars van het Brabants Historisch Informatie Centrum kregen we onlangs te horen dat meerdere van dergelijke deze kaarten onlangs zijn 'herontdekt' (zie onder, BHIC, Collectie kaarten en tekeningen (343), inventaris nummers 6966, 6967, 6968) uit de jaren 1723, 1724 en 1731. Schuttelaars merkt naar aanleiding van deze blogpost terecht op dat ook deze wapens door Job de Lange moeten zijn getekend. Mogelijk maakte De Lange regelmatig zulke kaarten in opdracht en is die uit 1720 toevallig door Van Zuijlen opgenomen in zijn selectieve uitgave van de stadsrekeningen.


Bovenstaande kaart dateert uit 1723.

Ook het werk voor Wapenboek I zal in opdracht zijn gebeurd. Waarschijnlijk leefde De Lange op latere leeftijd in of rond 's-Hertogenbosch. Hij was al oud toen hij in 1726 nog afreisde naar Oirschot om daar gegevens op te tekenen. Zijn productie heeft overigens nooit iets in druk opgeleverd.


Kritiekloos of objectief?


Als kopiist tekende De Lange - plat gezegd - wat hem voor de neus kwam. Dit waren vaak bronnen die veel ouder waren dan hijzelf. Omdat daar soms foutjes of manipulaties (zoals bij kwartierstaten) in zaten, lijkt hij soms onbetrouwbaar. Zo werd eens gezegd dat "hij zijn bronnen weinig critisch heeft benut" (Mededelingen CBG, 1965, nr. 2/3). Daarbij wordt vergeten dat hij een tekenaar was en geen genealoog. Een controle vanuit mijn eigen familiegeschiedenis laat zien dat hij vooral een trouwe kopiist was. Dat kan een kwaliteit zijn, omdat andere bronnen dan als het ware 'door de maker heen' spreken. De Lange nam enerzijds per ongeluk gemanipuleerde data van de beruchte falsaris Chr. Butkens via een gefabriceerde 17de eeuwse geslachtslijst over, maar tegelijkertijd wist hij zeven kwartieren van de kinderen Van Breugel die De Lange's tijdgenoten waren en in het naburige Sint-Michielsgestel woonden, feilloos op te sommen.

Een heraldische kwartierstaat van tijdgenoten van De Lange

Een ander voorbeeld van zijn kopiistische houding is, dat hij in Wapenboek I van de Broederschap verschillende varianten van molenijzers weergeeft die in de Meierij zo populair waren. Molenijzers met rechte armen zie je meer in de vijftiende dan in de zestiende eeuw. Het kan niet anders, dan dat hij deze kruis-achtige figuur in verschillende bronnen als zegelstempels of -afdrukken en afschriften met rechte én met gebogen armen heeft aangetroffen en ze zo in Wapenboek I heeft getekend. Als je dus De Lange als bron voor een voorouderreeks opgeeft, moet je - in het geval van een heraldische kwartierstaat - deze gegevens in ieder geval staven aan de hand van andere eigentijdse bronnen.

4 opmerkingen:

  1. Complimenten voor het vele speurwerk!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Willem H. Kranendonk23 juni 2010 16:25

    U schrijft: "De wapenboeken zijn geïndiceerd op familienaam." Echter voor de online bezoeker van het BHIC is dit niet waarneembaar of bruikbaar: men kan enkel zoeken op plaats jaar of periode in deze registers.
    Wel verzekerde men mij dat verdere digitale ontsluiting een punt van aandacht vormt.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Een reactie op de heer Kranendonk:
    kies op de homepage van de website van het BHIC voor 'historisch onderzoek doen', klik vervolgens in de linkerbalk op 'Broederschap'. Onder de kop 'Zoeken naar leden van de Broederschap' vindt u een linkje 'hier raadplegen', dat u naar de gezochte index brengt.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Kunt u nagaan waar vandaan komt:
    schild geel (goud) met blauw schuinkruis
    (dit zou uit vlaanderen komen ??)
    svp email naar dlonra2005@hotmail.com

    BeantwoordenVerwijderen