maandag 27 december 2010

Boek: Wapenborden van het Zilvermuseum Sterckshof

Het Zilvermuseum Sterckshof in Antwerpen bezit een grote collectie rouwborden van oude adellijke families uit Antwerpen. Hoe het museum in het bezit van die collectie is gekomen is onbekend. De collectie bestaat uit exemplaren van begin 18e eeuw tot en met de 20e eeuw.  In totaal bijna 80 borden zijn afgebeeld, beschreven en geïdentificeerd in een boekwerk getiteld Wapenborden van het Zilvermuseum Sterckshof, door Stefan Crick.

Stefan Crick, A.-M. Claessens-Peré (eindredactie), Wapenborden van het Zilvermuseum Sterckshof, Antwerpen 2005, 95 pagina's full color (Sterckshof Studies, 28), ISBN 90-6625-076-3.

Het boek is nu te koop voor slechts € 5.- ex. verzendkosten. Zie website. (Scroll naar beneden)

Schweizer Archiv für Heraldik, jaargang 2010, nr 2

Schweizer Archiv für Heraldik is een halfjaarlijks tijdschrift dat wordt uitgegeven door het Schweizerische Heraldische Gesellschaft. Het tijdschrift wordt drietalig uitgegeven, waarbij de taal waarin artikelen zijn opgesteld afhankelijk is van de keuze van de auteur. Daardoor zijn de artikelen afwisselden in het Duits, Frans of Italiaans. Voor de gemiddelde Nederlander betekent dit dat tenminste een deel van de artikelen niet of alleen moeizaam te lezen is.
Toch hier een overzicht van de afwisselende inhoud van het tweede nummer van jaargang 2010.

  • Stemmario delle Famiglie di Mendrisio, door Carlo Maspoli
  • Zofingia HSG mit eigenem Wappen, door Rolf Kälin
  • Die Berther der Landschaft Dosentis im Spiegel der Heraldik, door Aluis Maissen
  • Quelques armoiries oubliées de chevaliers de Rhodes, door Jean-Bernard de Vaivre
  • Les armoiries de la nouvelle commune de Clos du Doubs (JU), door Gaëtan Cassina-Corbat

Een abonnement kost  CHF 90,-
Zie de (drietalige) website voor meer informatie.
Het tijdschrift kan ook worden ingezien in de leeszaal van het CBG te Den Haag.

Heraldicum Disputationes, jaargang 2010, nr 4

De inhoud van het vierde nummer van jaargang 2010 van Heraldicum Disputationes is als volgt:

  • In memoriam Daniel de Bruin, door Marc Van de Cruys
  • Adelbrieven (Belgische) verleend in 2009, door Paul de Win
  • De zonnewijzer van Bizencourt, door Dirk Coutereels
  • In serie Heraldische kunstenaars: Karel van den Sligtenhorst, door Marc Van de Cruys
  • Overzicht inhoud 2010
  • Index op persoonsnamen 2010
  • Disputationes


Uitgever: Marc van de Cruys, Krommelei 47, 2110 Wijnegem (België)
Prijs: € 15,- per jaar, € 4,50 voor losse nummers (€ 6,- voor Nederland)
Zie http://users.telenet.be/homunculus/heraldiek.html

Heraldisch Tijdschrift, jaargang 2010, nr. 4

In het vierde nummer van de jaargang 2010 van het Heraldisch Tijdschrift, de periodiek van de Afdeling Heraldiek van de Nederlandse Genealogische Vereniging,  als hoofdgerecht een uitgebreid artikel van Anton Zeven getiteld "Definities en classificatie van typen van persoonlijke merken met voornamelijk Nederlandse voorbeelden".  De revue passeert een grote verscheidenheid aan merktypen, zoals huismerken, tonnenmerken, veemerken, goud- en zilversmidmerken, zerkmerken etc.

Verder:
  • In de serie hedendaagse heraldische kunstenaars: Trudie Demoed, door Bernard Grothues
  • Overheidsheraldiek (4), door J.A. de Boo, gewijd aan bisdommen en basilieken
  • Cachet afkomstig uit de familie Hallungius, door N.J.M. Biezen
  • In memoriam Daniel de Bruin, door William Coolen
  • De rubriek "op de keper beschouwd", met vragen en reacties van lezers.

Heraldisch Tijdschrift verschijnt vier keer per jaar. Een abonnement kost € 15,- per jaar. Email: w.van.zon@hccnet.nl

maandag 13 december 2010

Rouwborden CBG op Merwede-tentoonstelling

Door Henk 't Jong


Het CBG heeft twee wapenborden uit zijn collectie uitgeleend voor een tentoonstelling in Dordrecht genaamd Riddersporen. Herinneringen aan Huis te Merwede. De tentoonstelling is vanaf 29 januari 2011 te zien in Het Hof, de sfeervolle expositieruimte in de refter van het voormalige Augustijnenklooster in de oude binnenstad van Dordrecht.

Het betreft een klein ruitvormig rouwbord met alleen het geschilderde wapenschild van een familie Van der Merwede, met een parelkroon erboven, en een veel groter, geheel uit hout gesneden exemplaar dat duidelijk tot dezelfde familie behoorde. Beide zijn te dateren in de achttiende eeuw. In tegenstelling tot het wapen van de middeleeuwse Van der Merwedes, dat op een rood veld een rechte zilveren dwarsbalk vergezeld van vijftien gouden penningen of bezanten laat zien, is de dwarsbalk op beide rouwborden golvend. Dat duidt aan dat we hier met een breuk te maken hebben.

De hoofdtak van de bekende middeleeuwse familie Van der Merwede telde vanaf 1243 zeven opeenvolgende Daniëls, maar stierf in 1403 uit. Maar er waren nog zijtakken en één daarvan was die van Dirk van de(r) Merwede, ridder, heer van Eethen en Meeuwen (ca. 1383-1452). Hij was een telg uit een zijlijn die al in de vroege veertiende eeuw heer van Sliedrecht was, in de Grote Waard op de zuidelijke oever van de Merwede. Hij kan gezien worden als de laatste echte mannelijke Merwede. Hij had namelijk slechts twee dochters als wettige nakomelingen.  Daarnaast ‘teelde’ hij echter ook nog een drietal natuurlijke zonen bij een juffrouw Van Uitwijck.  Eén van die bastaarden was de zoveelste Daniël van der Merwede, overleden ca 1512, die voor nageslacht zorgde dat nog tot in de negentiende eeuw actief was in Oost-Nederland. De mannelijke leden van die familie waren voornamelijk leidinggevende militairen, terwijl enkele andere telgen openbare functies vervulden in Zwolle en Kampen.

Halverwege de negentiende eeuw was er nog maar één tak over toen Joan Frederik van der Merwede in 1847 overleed.  Hij had elf kinderen, waaronder vier zonen. Zijn  vrouw vertrok, met alle kinderen, op 22 februari 1848 naar Amerika. In de census van New York voor het jaar 1880 werd Emanuel, één van de zonen, genoemd als hoofd van een gezin. De anderen, behalve een inwonende zus, komen niet in die census voor; wie weet zijn ze naar het Westen getrokken.  Het gezinshoofd noemde zich Emanuel Merwede en was bloemist. Zijn gezin zorgde voor een nageslacht dat tot nu toe als Van der Merwede in de US voorkomt. Emanuel kwam overigens ook nog een enkele keer in de archieven voor met de titel baron, maar daar had hij geen recht op. De familie heeft nooit deel uitgemaakt van de Nederlandse adel van na 1815. In de US kraaide daar natuurlijk geen haan naar. Latere generaties hebben zich, voor zover bekend, niet meer van die titel bediend.

Hoe de  rouwborden (er bestaat nog een derde die lijkt op het grote gebeeldhouwde exemplaar) bij het CBG terechtgekomen zijn is niet bekend. Dat ze van de Van der Merwedes uit Oost-Nederland afkomstig zijn is duidelijk, want van deze familie zijn ook enkele oude zegels bekend die hetzelfde wapen laten zien. Eén heeft er zelfs een randschrift met de naam Robbert van der Merwede, een achttiende-eeuwse magistraat.

Volgend jaar heeft iedereen dus de mogelijkheid de borden van dichtbij te bekijken in Dordrecht. Daarna kan de onlangs geconsolideerde ruïne van het vroeg veertiende-eeuwse Huis Te Merwede aan de gelijknamige rivier bezocht worden. Van het huis zal op de tentoonstelling ook een virtuele versie te zien zijn, inclusief een reconstructie van de zaal van de hand van ondergetekende.

maandag 6 december 2010

Heraldische manuscripten van Jan Theodoor van Boecop ontdekt.

De Hoge Raad van Adel ontving vorig jaar van de Stichting der heerlijkheden Oosterland, Sirjansland enOosterstein een aantal bijzondere oude wapenboeken en genealogische manuscripten. Enkele daarvan waren toe te schrijven aan de zeventiende-eeuwse katholieke edelman Jan Theodoor van Boecop.
Jan Theodoor van Boecop stamde uit een oorspronkelijk Gelders-Overijsselse familie waartoe enkele kunstenaars zijn te rekenen: zijn overgrootmoeder was de bekende schilderes Mechteld toe Boecop geb. van Lichtenberch en twee oudtantes komen als schilderes voor in Kampen.

Het werk van Jan Theodoor van Boecop betreft voornamelijk de heraldiek van Gelderse, Overijsselse en Utrechtse geslachten. In zijn manuscripten zijn ook afbeeldingen van rouwborden in kerken en glazen in woonhuizen te vinden. Tot nu toe was Van Boecop als heraldicus volledig onbekend. Meer bijzonderheden over zijn achtergronden en werk zijn te vinden in een artikel van E.J. Wolleswinkel, dat in december verschijnt in De Nederlandsche Leeuw, het tijdschrift van het Koninklijk Nederlandsch Genootschap voor Geslacht- en Wapenkunde. Losse nummer van De Nederlandsche Leeuw kosten € 15.- en zijn via de website van het KNGGW te bestellen.

donderdag 2 december 2010

Bijzonder handschrift in "Tussen Kunst & Kitsch"

In de aflevering van het AVRO tv-programma "Tussen Kunst & Kitsch" van woensdag 1 december (opgenomen in het Vlaamse Sint-Niklaas) toonde een deelnemer een 18e eeuws handschrift dat hij uit een vuilcontainer had gered. In het handschrift niet alleen genealogische aantekeningen over de Gentse familie Van der Vynckt, maar ook vele genealogische schema's en wapentekeningen. Veel bekende Gentse geslachten komen daarbij aan bod.

De passage over deze uit genealogisch en heraldisch oogpunt bijzonder leuke vondst is in onderstaand embedded venster van Uitzending Gemist te zien vanaf 14:05 minuten.

Get Microsoft Silverlight Of bekijk de flash versie.

Of ga naar het overzicht van het programma Tussen Kunst & Kitsch bij Uitzending gemist en kies het programma van 1 december 2010.

De huidige eigenaar gaf aan dat hij het handschrift mogelijk zal schenken aan een archief. Met een beetje geluk is het straks te bewonderen bij De Zwarte Doos.

dinsdag 30 november 2010

Grafzerken van de Sint-Jan, de website

Zondag 28 november is de website gewijd aan de Grafzerken van de Sint Jan te Den Bosch online gegaan.

De website heeft nog een paar kleine startprobleempjes, maar het geheel ziet er erg veelbelovend uit.

Aan te raden is om vooralsnog op naam te zoeken via de subpagina "Grafzerken" en vervolgens de zoekfunctie van je internetbrowser. De zoekfunctie van de website zelf geeft nog te veel ongewenste resultaten.
Zie ook onze blog van  8 oktober over het boekwerk dat aan de grafzerken is gewijd en de blog van De Digitale Archivaris over de website.

vrijdag 26 november 2010

Collectie lakzegels Euregionaal Historisch Centrum

In maart 2010 zette het Euregionaal Historisch Centrum (Sittard, Geleen, Born) een mooie collectie van ca. 1600 lakzegels online. Dat is door weinigen buiten de regio gesignaleerd.

De collectie werd in 2002 verkregen via Museum het Domein te Sittard, museum voor stedelijke historie en moderne kunst. In de loop van 2004 heeft vrijwilliger Theo Sigmund de zegels gefotografeerd en vervolgens beschreven op naam en plaats en waar mogelijk ook qua datering. Als "Zegelboek Stadsarchief Sittar-Geleen" kende de collectie ook al een papieren uitgave.

In de collectie komen ook nogal wat zegels voor van mensen van buiten de regio. De zegels worden per acht stuks op A4 als pdf gepresenteerd. In de aparte index / inhoudsopgave kan worden gezocht op naam. Daarna vergt het enig bladerwerk door verschillende subgroepen in de rechtermarge (burgers, adel, gemeenten etc.) om de zegel van de gewenste naam terug te vinden. Ga naar de zegelcollectie.

Zoeken in de nieuwe beeldbank van het Euregionaal Historisch Centrum op het woord "wapen" of "familiewapen" levert nog eens 25 foto's op van wapens op regionale gebouwen, glas-in-lood etc.

maandag 22 november 2010

Boek: Wapenboek Hoogheemraadschap Delfland (1282-1780)

Op vrijdag 5 november 2010 presenteerde de Hollandse vereniging voor Genealogie "Ons Voorgeslacht" de publicatie Wapenboek van het Hoogheemraadschap van Delfland. Wapens en biografieën van de baljuws, dijkgraven en hoogheemraden van Delfland (1282-1780).  In dit boek, van de hand van Hans Nagtegaal, staan naast reproducties van de wapentekeningen uit het wapenboek van het Hoogheemraadschap Delfland ook korte biografische beschrijvingen  van de verschillende wapenvoerders, stuk voor stuk vooraanstaande figuren uit de historie van Delfland. Het boek telt 79 pagina's, inclusief index, en is verkrijgbaar via de website van Ons Voorgeslacht.  Inclusief verzendkosten is de prijs € 15,- (leden € 10,-)

vrijdag 19 november 2010

Boek: Orden & Ehrenzeichen. Handbuch der Phaleristiek.

Het is aardig om in dit Heraldisch Dossier ook aandacht te schenken aan buurwetenschappen en aanverwante disciplines. Eén daarvan is de Faleristiek, de wetenschap die zich bezig houdt met onderscheidingen en ridderorden. Onderscheidingen hebben ook vaak in een belangrijk heraldisch aspect.

In Duitsland verscheen onlangs het boek Orden & Ehrenzeichen. Handbuch der Phaleristiek van de hand van Eckart Henning en Dietrich Herfurt. De publicatie kan met recht een handboek worden genoemd. Het behandelt de (geschiedenis van) van het vakgebied en de verschillende soorten orden, geeft een overzicht van gebruiken, relevante literatuur en archieven en tips voor verzamelen en bewaren.
Ook is er aandacht voor de "Nachbarwissenschaften" zoals uiteraard genealogie en heraldiek, maar ook numismatiek, zegelkunde (Sphragistik), symboliek, vlaggenkunde (Vexillologie), kunst- en kostuumgeschiedenis, materiaalkunde en "Sozialpsychologie".

Auteur Echart Henning bekleedt een ereprofessoraat archiefwetenschappen en historische hulpwetenschappen aan de Humboldt Universiteit in Berlijn en was tot 2006 directeur van het Archiv zur Geschichte der Max-Planck-Gesellschaft in Berlijn. Co-auteur Dietrich Herfurt is voorzitter van de wetenschappelijke adviesraad van  het Deutschen Gesellschaft für Ordenskunde.


Het boek is full colour uitgegeven, telt  363 pagina's en is verkrijgbaar bij de Uitgeverij Böhlau.
Tot 1 januari 2011 kost het boek € 49,90, daarna  € 59,90.

dinsdag 9 november 2010

Veiling Wapenborden Grote Kerk Breda

In het jaar dat de Grote Kerk van Breda 600 jaar bestaat heeft een bijzondere expositie plaatsgevonden met de titel: Woord & Wapen, in dienst van de Nassaus. Onderdeel van die expositie waren 277 gereconstrueerde wapenborden. Deze wapenborden worden, net als in 1798, per opbod verkocht. Alleen gebeurt het deze keer door middel van een veiling op internet. De opbrengst komt ten goede aan de restauratie en het onderhoud van de Grote Kerk. U kunt dus in het bezit komen van een uniek wapenbord met uw familienaam er op (of de straatnaam waarin u woont, of de wijk waarin u woont, want die namen komen ook voor). Hoe gaat dat in zijn werk ?



U gaat naar de site van de Grote Kerk (www.grotekerkbreda.nl). Op de Homepage treft u een banner aan waarop staat Veiling Wapenborden. U klikt op deze banner en komt dan op de pagina van de veiling.
U zoekt op naam: op de Veilingpagina staan alle namen die op de wapenborden voorkomen, alfabetisch gerangschikt. U klikt op een letter en komt dan bij de A, B, C, enzovoort.
Achter de naam staat een nummer. Dat nummer correspondeert met een wapenbord. Op de pagina Wapenborden zoekt u het wapenbord met dat nummer. Als u op de foto klikt wordt het bord vergroot en kunt u details zien.
Als u dat bord wilt kopen doet u een bod op dat bord via email info@grotekerkbreda.nl.
U vermeldt uw naam, adres, telefoonnummer, het nummer van het wapenbord en het bedrag dat u voor het bord biedt. Voor kleine borden is de minimumprijs € 50, voor grote borden de minimumprijs € 100. U krijgt van uw bod per mail een bevestiging.
Als iemand anders ook op dat bord biedt, dan krijgt u dat (opnieuw per mail) te horen en kunt u, als u dat wilt, een hoger bod uitbrengen.
Halverwege december (nader bericht volgt) sluit de internetveiling en wordt er een afspraak gemaakt om het bord aan u over te dragen.

woensdag 3 november 2010

Rietstap 2e druk digitaal

Ook de  twee delen Amorial general van J.P. Rietstap (tweede druk) zijn digitaal te raadplegen op www.archive.org

Voluit luidt de titel: Rietstap, Johannes Baptist, Armorial général: précédé d'un dictionnaire des Termes du blason, 2 volumes, deuxième éditon, Gouda 1828-1891

Hier volgen de separate links naar de twee opeenvolgende delen:

"Armorial universel" digitaal

Op de website www.archive.org zijn ook de twee delen van Armorial universel van Jouffroy d'Eschavannes digitaal te raadplegen. De boeken bevatten o.a. mooie afbeeldingen in kleur.

De officiele titel luidt voluit: Eschavannes, Jouffroy de, Armorial universel; précédé d'un traité complet de la science du blason, et suivi d'un supplément, 2 volumes, Paris 1844.

Hier volgen aparte links naar de twee opeenvolgende delen:

"Sceaux armoriés des Pays-Bas et des pays avoisinants" digitaal

Op de website www.archive.org zijn de vier delen van Sceaux armoriés des Pays-Bas et des pays avoisinants van J.Th. de Raadt gedigitaliseerd te raadplegen.

De volledige titel van de boeken luidt officieel:
Raadt, J.Th. de, Sceaux armoriés des Pays-Bas et des pays avoisinants (Belgique-Royaume des PaysBas-Luxembourg-Allemagne-France). Recueil historique et héraldique, 4 volumes, Bruxelles 1899-1903

Hier volgen vier aparte links naar de vier opeenvolgende delen:

maandag 25 oktober 2010

Daniel de Bruin (1950) overleden op 19 oktober 2010


Tot onze spijt is op 19 oktober jongstleden heraldisch kunstenaar Daniel de Bruin (1950) onverwacht overleden. De Bruin was autodidact en gespecialiseerd in het heraldisch ex libris. Zijn ontwerpen waren modern en gedurfd. Aanvankelijk werkte hij in een bijna kubistische stijl en werd hij in Nederland niet heel erg 'gezien'. Desalniettemin oogstte hij des te meer succes in het buitenland. Ook in zijn latere, ingetogener maar nog steeds grafische oeuvre, was het werken met gefacetteerde kleurvlakken karakteristiek. We hadden nog heel veel werk van hem willen zien en zullen hem als collega en inspirator missen.

Voor meer informatie kunt u terecht op de website van Daniel de Bruin: http://www.heraldicermine.com/

maandag 18 oktober 2010

Der Herold, jaargang 2010, nummer 3

In nummer 3 van de 53e jaargang van Der Herold, Vierteljahrsschrift für Heraldik, Genealogie und verwandte Wissenschaften, aandacht voor nieuwe wapens van Gemeinde, Bezirk, Amt, Stadt of Landkreis in Duitsland: Neue kommunale Wappen des Jahres 2009.

Ook in Duitsland worden nieuwe wapens ontworpen naar aanleiding van herindelingen en wat dies meer zij. Uitgelegd wordt o.a. dat er geen algemeen Duitse regelingen bestaan voor het aannemen van nieuwe wapens. Dit heeft uiteraard te maken met de federale structuur van het land.
In deze aflevering van Der Herold vind je naast de blazoenering van de nieuwe wapens ook informatie over de ontwerpers en een afbeelding.



Abonnement: € 35,- / jaar.
Zie ook: www.Herold-Verein.de

donderdag 14 oktober 2010

Rouwborden in St. Maartenskerk te Tiel

In jaargang 31 nummer 2 (2010) van De Drie Steden, Regionaal-historisch tijdschrift voor het Rivierenland, staat een uitgebreid artikel over De rouwborden in de St. Maartenskerk te Tiel. Het gaat om een aantal 18e eeuwse rouwborden van leden van de familie Van den Steen. Niet alleen worden de rouwborden uitgebreid beschreven, maar ook de deels oudere genealogie van de familie komt uitgebreid aan bod, met leuke details over de meest aansprekende individuen.
Daarbij eveneens geparenteerde families als Craeyvanger, Bicker, Verbolt en Van Eck van Panthaléon. Het artikel is geschreven door J.J.M. Vollebregt-Van Grol en beslaat 16 pagina's. Voor het volgende nummer van De Drie Steden staat een tweede artikel over de Tielse rouwborden en de familie Van den Steen gepland.

De Drie Streden is een uitgave van het Regionaal Archief Rivierenland en verschijnt drie keer per jaar. Lossen nummers kosten € 5,-, een abonnement kost € 12,50 per jaar. Email: info@regionaalarchiefrivierenland.nl

maandag 11 oktober 2010

Heraldische portretten door Jos Goolenaerts

Jos Goolenaerts (1913) is wellicht één van de bekendste Antwerpse heraldici. Al meer dan 50 jaar houdt hij zich bezig met wapenkunde. Als auteur debuteerde hij in 1967 in het lokale “Gemeentenieuws” van Deurne (Antwerpen) en van toen af schreef hij honderden heraldische artikelen in een groot aantal heemkundige, geschiedkundige en genealogische publicaties in de regio Antwerpen. Hij illustreerde die zelf. Jos Goolenaerts is op artistiek gebied autodidact en creëerde zodoende een heel eigen stijl waardoor zijn heraldische tekeningen vrijwel onmiddellijk herkenbaar zijn. Naast geïllustreerde heraldische artikelen tekende en schilderde hij wapens op verzoek van verenigingen, vrienden en kennissen zodat het totaal aan tekeningen onderhand een veelvoud van duizend bedraagt.

Naast zijn publicaties amuseerde hij zich met het maken van 'heraldische portretten'. ‘Want’, zo zegt hij zelf: ‘het is gemakkelijk genoeg om een afbeelding van een bekend persoon te vinden. Maar diens wapenschild is meestal veel moeilijker te achterhalen.' Over de jaren maakte hij een heleboel combinaties op A-4 formaat (zwart-wit en kleur). Een groot deel van deze heraldische portretten zijn van Antwerpse historische figuren zoals kunstenaars, koningen en keizers, wetenschappers, auteurs en andere bekende personages uit de geschiedenis van België en de rest van Europa.

Marc Van de Cruys vond het passend om in het zevenennegentigste levensjaar van Jos Goolenaerts deze uitgebreide reeks portretten waar hij de hand nog kond opleggen te publiceren in een uitgave voor heraldische geïnteresseerden.

“150 Heraldische Portretten van belangrijke personen uit de Antwerpse, Belgische en Europese geschiedenis”, 84 blz, A5, ill, uitg. Homunculus Wijnegem (2010), Prijs abonnees HD € 6,95, niet abonnees € 8,95 (+ verzending).

vrijdag 8 oktober 2010

Boek: De grafzerken van de Sint-Jan te 's-Hertogenbosch

De Sint Jan in Den Bosch wordt jaarlijks door honderdduizenden mensen bezocht. De honderden grafzerken uit de vijftiende tot en met de achttiende eeuw in de vloer van de kerk waren echter nog nooit goed onderzocht en beschreven. In die lacune is nu voorzien. Een groep van deskundigen werkte meer dan tien jaar aan een omvangrijke publicatie waarin alle maatschappelijke, religieuze en kunsthistorische aspecten van de ruim vijfhonderd zerken in de Sint-Jan aan bod komen. Met vier banden in een cassette en ruim 1800 pagina's tekst en afbeeldingen is het een monumentale uitgave geworden.

Het verschijnen van de boeken wordt gevierd met een bijzondere themamiddag op 28 november 2010 (14.00 tot 16.30 uur)  in de Grote Zaal van Theater aan de Parade te Den Bosch onder het motto 'De dood, dat leeft'. Toegangsprijs is slechts € 7,50, incl. een drankje.
Kaarten zijn verkrijgbaar via Bosch Ticket: 0900-33 72 72 33 of Boschticket@theateraandeparade.nl

De publicatie is op 28 november na afloop verkrijgbaar in het theater en daarna via de betere boekhandel.

De grafzerken van de Sint-Jan te 's-Hertogenbosch. Zeer luxe gebonden, vier delen in cassette: 'inleiding', 'schip', 'transept' en 'kooromgang'. Formaat 240 x 305 mm. Omvang ca. 1800 pagina's
ISBN 9789086801367. Verkoopprijs € 149,-

Zie ook www.degrafzerkenvandesintjan.nl voor meer informatie.

donderdag 7 oktober 2010

Internationaal heraldisch congres in Stuttgart (13-17 sept. 2010)















Tussen 13 en 17 september jl. vond in Stuttgart het tweejaarlijkse International Congress of Genealogical and Heraldic Sciences plaats.
http://www.congress2010.info/english/

We verwijzen ook graag naar het blog Heraldisch Gezien van Rob van Drie: http://heraldischgezien.blogspot.com

maandag 4 oktober 2010

Heraldisch Tijdschrift, jaargang 2010, nr. 3

Het Heraldisch Tijdschrift is de periodiek van de Afdeling Heraldiek van de Nederlandse Genealogische Vereniging. Het derde nummer van de lopende jaargang heeft de volgende inhoud:


  • Herauten en hun kronen, door J.A. De Boo
  • Zegel van de Universiteit van Leiden uit 1917,  door Anton C. Zeven
  • Het embleem, wapen en zegel van de Verenigde Oost-Indische Compagnie, door Anton C. Zeven
  • Henk 't Jong, een veelzijdig historicus-heraldicus, door Bernard Grothues, afl. 6 in de serie hedendaagse heraldische ontwerpers / tekenaars
  • Overheidsheraldiek (3), door J.A. de Boo
  • Overzicht periodieken en publicaties
  • Vragenrubriek "Op de keper beschouwd"

Heraldisch Tijdschrift verschijnt vier keer per jaar. Een abonnement kost € 15,- per jaar. Email: w.van.zon@hccnet.nl

woensdag 22 september 2010

Jubileumnummer Heraldicum Disputationes: Over de betekenis van wapens

Ter gelegenheid van het vijftienjarige bestaan van Heraldicum Disputationes wordt aan de lezers van HD een jubileumuitgave aangeboden. Iets minder groot van opzet dan de vorige twee (2000 en 2005) en ook qua concept ietwat afwijkend van het traditionele pad dan u gewend bent. Dit keer is het thema ‘Over de betekenis van wapens’ uitgewerkt. Een tegelijk populaire én controversiële zaak, met name de vraag of wapenschilden iets te betekenen hebben.
De lezer krijgt een gevarieerd aantal artikelen voorgeschoteld die niet allemaal even licht verteerbaar zijn. Sommige zijn uitgebreid, andere korter. Soms onderling overlappend of aanvullend. Daarnaast zijn er enige die elkaar regelrecht tegenspreken. De lezer oordele zelf in welke theorieën hij zich al dan niet kan vinden.

Met bijdragen van J.A. de Boo, Rolf E. Sutter, Rafal T. Prinle en Marc Van de Cruys.

Prijs voor dit nummer: abonnees HD € 6,95 euro + verzendkosten, niet-abonnees € 8,95 + verzendkosten.

Abonnement HD: € 15,- per jaar, € 4,50 voor losse nummers (€ 6,- voor Nederland)
Zie http://users.telenet.be/homunculus/heraldiek.html
Uitgever: Marc van de Cruys, Krommelei 47, 2110 Wijnegem (België)

woensdag 15 september 2010

Boek: Heraldiek op Groninger grafzerken ná 1814

In 1977 verscheen het bekende standaardwerk van Adolf Pathuis, Groninger gedenkwaardigheden, waarin onder meer grafzerken op kerkhoven en in kerken zijn beschreven die van vóór 1814 dateren. Dat in heraldisch opzicht de grafzerken op Groninger kerkhoven van ná genoemd jaar ook interessant kunnen zijn, blijkt wel uit dit informatieve en aardig geïllustreerde boekje.

R. Alma, Versteende wapens. Heraldiek op Groninger kerkhoven (Groningen: Stichting Oude Groninger Kerken 2008) 32 blz., ill. ISBN 9789073453296. Prijs € 6,-.

Aan de hand van voorbeelden bespreekt Redmer Alma ‘Groninger’ heraldiek in de vorm van onder andere boerderijwapens, antiquarische wapens, sjabloonwapens, persoonlijke wapens en doodssymboliek. Foto’s zijn opgenomen van grafzerken van onder meer de Groninger families Wierenga, Beukema, Tempel, Hopma, Wigboldus, Voorwerk, Alma, Evers, Knol en Sijpkens.

Zie: http://groningerkerken.nl/

Oproep t.b.v. jubileumboek 40 jaar wapenregister CBG

Uit eerdere blogposts van ons team heeft u kunnen concluderen dat het wapenregister van het Centraal Bureau voor Genealogie volgend jaar 40 jaar bestaat. Voorbereidingen - zoals een stratistisch onderzoek - voor een jubileumboek zijn inmiddels al begonnen. Daaruit is al gebleken dat veel families hun wapen gebruiken in de kleurstelling blauw-zilver en dat ze in dit wapen figuren voeren die een relatie hebben met 'het water' in de breedste zin van het woord. Voor het boek zijn er ook andere conclusies te trekken die gaan over de specifieke (moderne) burgerheraldiek en zal er ingegaan worden op heraldieke discussies die in de literatuur nog amper een neerslag vonden.

Voor de volledigheid wordt bij de uitgave een DVD met alle ingeschreven wapens geleverd. Het CBG heeft van de uitgegeven wapencertificaten altijd een duplo-exemplaar bewaard. In de periode 1989-2004 betrof het steeds een kleurenkopie van het certificaat. Voorafgaand aan deze periode werden de tekeningen handmatig gemaakt en nadien werden de tekeningen met een computerprogramma getekend. Aanvankelijk was - afgezet tegen de huidige scantechniek - de beeldkwaliteit van deze kleurenkopieen matig. Om de beeldkwaliteit van deze wapenregister-DVD te optimaliseren zijn scans van de oude wapencertificaten dus zeer welkom! U kunt op de hierbij gevoegde afbeeldingen/oproeplijsten klikken om te verifieren of uw of andermans registratie in die periode viel. Achter de naam ziet u het jaar van regsitratie.









Bezit u een wapencertificaat van het CBG uit de periode 1989-2004? Dan ontvangen wij graag per mail een scan van het wapen (dus niet van het hele certficaat) als Jpeg-bestand, 300 dpi. 

Mail henk.tjong@cbg.nl onder vermelding van "jubileumboek wapenregister" en de naam van de desbetreffende familie.

Bij voorbaat onze dank!

Guus van Breugel en Henk 't Jong, heraldici Centraal Bureau voor Genealogie

vrijdag 3 september 2010

Heraldicum Disputationes, jaargang 2010, nr. 3

Het derde nummer van de lopende jaargang van het kwartaalblad Heraldicum Disputationes is verschenen. In dit nummer onder meer de volgende artikelen:

  • Dieren in de wapens van Veluwse geslachten, door Anton Zeven
  • Wapenregistratie bij de Hollandse Vereniging voor Genealogie uitgebreid tot de Benelux, door Hans Nagtegaal
  • Bespiegelingen over het religieus heraldisch ex libris, door Daniel de Bruin
  • Albert Vanbuel, bisschop van Kaga-Bandore, door Hans van Heijningen 
  • Een bezoek aan het "Museo del Sigillo", door Anton Zeven


Het in het laatstgenoemde artikel beschreven Italiaanse zegelmuseum schijnt de moeite waard te zijn. Het museum heeft ook een website: Museo del Sigillo
 
Uitgever: Marc van de Cruys, Krommelei 47, 2110 Wijnegem (België)
Prijs: € 15,- per jaar, € 4,50 voor losse nummers (€ 6,- voor Nederland)
Zie http://users.telenet.be/homunculus/heraldiek.html

dinsdag 24 augustus 2010

Rouwborden in Estland

Op zijn weblog Heraldisch gezien schrijft Rob van Drie over fraai heraldisch houtsnijwerk in de Domkerk van Tallin in Estland. Het gebruik om rouwwapens op te hangen in kerken kwam in Estland in zwang in de zeventiende eeuw.

Zie: Blog Rob van Drie

maandag 9 augustus 2010

Alternatieve identiteit voor bisschoppelijke ruiter?

In april van dit jaar publiceerde ik in dit blog over de mogelijke identiteit van de bisschoppelijke ruiter in de Sint Walburgiskerk te Zutphen. Inmiddels bestaat er een alternatief inzicht, uitgewerkt door cultureel antropoloog Hubert de Vries. De Vries heeft zich al langere tijd verdiept in de heraldiek van Utrecht en volgens hem zou de ruiter ook de laat dertiende-eeuwse Jan van Sierck kunnen zijn, die nog niet een familiewapen op het bisschoppelijke kruis plaatste.

Zie: www.hubert-herald.nl

dinsdag 27 juli 2010

Tentoonstelling over zegels in Gelders Archief

Tot 1 september 2010 is in de publieksruimten van het Gelders Archief (Markt 1 te Arnhem) een tentoonstelling te zien over de zegels die in de collectie te vinden zijn: Handtekening, statussymbool en kunstwerk: zegels. Zie hier voor openingstijden.

Het Gelders Archief heeft een groot engevarieerd bestand aan zegels. Ze hangen merendeels aan charters. Er zijn ongeveer 30.000 charters met één of meer zegels. Het zegelproject van het Gelders Archief beoogt de zegels van vóór 1545 toegankelijk te maken via internet. De zegels worden daartoe beschreven door mevr. C. (Con) Hesselink-Melchior en gefotografeerd door de heer T. (Tjep) Hesselink. In het door hen inmiddels toegankelijk gemaakte deel van de collectie kan worden gezocht op de website van het Gelders Archief.
Bijgaande afbeelding toont een voorbeeld uit de digitale collectie. Het gaat om het zegel van de Arnhemse schepen Gherit van Arnhem uit 1434, afkomstig uit het archief van Commanderij van St. Jan te Arnhem .

Zie ook: Gelders Archief over zegels en zegelgebruik.

donderdag 22 juli 2010

"Met fraaie kleuraccenten"











 In 2010 is er door het Nederlandsche Muntenhuis een zogenaamde 1 Gulden Dubbelkop geslagen, een herdenkingsmunt ter gelegenheid van het 30ste regeringsjaar van Koningin Beatrix: zie ook http://www.muntenhuis.nl/dubbelkop-1980/.
De zwaarvergulde Dubbelkop heet zo vanwege het dubbelportret en profil van onze vorstin en haar moeder. De munt was als zodanig al lang bekend, maar nieuw zijn de kleuraccenten die op het Rijkswapen aan de keerzijde zijn aangebracht. In een vrolijk rood jasje (sinds de Republiek niet meer vertoond) klimt de leeuw op een blauw veld. Toen was er nog wit over en dat heeft de ontwerpster gereserveerd voor de blokjes. Je hoeft geen kenner van heraldiek te zijn om te zien dat er hier met het aspect kleur wel erg losjes is omgegaan. Er is een andere boodschap ontstaan, maar welke is onduidelijk. Misschien dat heraldiek en de traditionele rijkskleuren zoals op de afbeelding hieronder wel heel erg voorjaar 1907 zijn?
Op zich zou je helemaal niet tegen iets alternatiefs hoeven te zijn, maar als het om een officiële uiting gaat zoals deze mooie munt uit 1980, waarom dan niet in de wettelijk vastgelegde kleuren en metalen?






We zijn benieuwd wat onze lezers ervan vinden!

donderdag 17 juni 2010

Der Herold, jaargang 2010, nummer 1-2

Nummer 1 en 2 van het kwartaalblad Der Herold, Vierteljahrsschrift für Heraldik, Genealogie und verwandte Wissenschaften is verschenen. Het betreft Jahrgang 53, Heft 1-2.


In dit nummer o.a.:

  • Kunst und Musik in Berlin studieren. Personengeschichliche Quellen im Archiv der Universität der Kunste, door Dietmar Schenk
  • Würfel in einem Schild. Eine Fallstudie am Beispiel des Toppler-Wappens in Rothenburg ob der Tauber und Nürnberg, door Eugen Schöler
  • Die Wappen der Braunschweiger Weichbilde, door Arnold Rabbow
  • Ein Siegelring für Ehrensenatoren der Universität zu Frankfurt am Main, door Gunter Stemmler
  • Zum Perspektivenverzicht in der Heraldik, door Eckart Henning

Abonnement: € 35,- / jaar.
Zie ook: www.Herold-Verein.de

woensdag 16 juni 2010

KB verwerft en digitaliseert Wapenboek Beyeren (1405)

De KB, nationale bibliotheek van Nederland, presenteerde vorige week op haar website de gedigitaliseerde versie van het Wapenboek Beyeren. Dit middeleeuwse handschrift werd haar onlangs in eeuwigdurend bruikleen gegeven en bevat meer dan duizend tekeningen van wapenschilden waaraan ridders en andere edellieden in hun harnas op het slagveld herkend konden worden. De auteur, een hoge diplomaat aan het hof van de graaf van Holland, voltooide het handschrift in 1405 in Den Haag.

Het wapenboek is deze zomer tijdelijk te zien in de topstukkententoonstelling De Verdieping van Nederland. De KB biedt nu iedereen toegang tot het bijzondere stuk op https://www.kb.nl/themas/middeleeuwen/wapenboek-beyeren

Heraldicum Disputationes, jaargang 2010, nr. 2

Het tweede nummer van de lopende jaargang van het kwartaalblad Heraldicum Disputationes is verschenen. In dit nummer onder meer de volgende artikelen:

  • Over breuken, bastaardij wapenregistraties en ... Schotland, door Dirk Coutereels
  • De Gemeente Heerenveen en haar wapen. Een aanvulling, door Rudolf J. Broersma
  • Heraldische kunstenaars (14): Laurent Granier, door Marc van de Cruys
  • Het wapen van de nieuwe primaat van België, door Roger Harmignies

Uitgever: Marc van de Cruys, Krommelei 47, 2110 Wijnegem (België)
Prijs: € 15,- per jaar, € 4,50 voor losse nummers (€ 6,- voor Nederland)
Zie http://users.telenet.be/homunculus/heraldiek.html

maandag 14 juni 2010

Wapenboek I (1318-1765) Lieve Vrouwe Broederschap geïllustreerd door Job Marten de Lange

door Guus van Breugel


Sinds enige maanden zijn de scans van de jaarrekeningen, koorboeken en wapenboeken van de Illustere Lieve Vrouwe Broederschap in 's-Hertogenbosch online raadpleegbaar gemaakt door het Brabants Historisch Informatie Centrum. De wapenboeken zijn geïndiceerd op familienaam. De manuscripten staan eenvoudig bekend als Wapenboek I (1318-1765), Wapenboek II (1766-1993) en Wapenboek III (1962-2009). http://www.bhic.nl/index.php?id=11886

De wapenillustraties in de drie boeken hebben een zekere charme, want ze laten een heel eigen handschrift en routine zien zonder dat er sprake is van een grote tekenvaardigheid. Historisch gezien is het aardig om in het eerste wapenboek (1318-1765) de politieke omwenteling van 1629 aan de hand van de wapens te bekijken, toen de katholieke "Moerasdraak" - zoals de onneembare vesting 's-Hertogenbosch toen werd genoemd - in Staatse handen terecht kwam. Eeuwenlang zag men in dit boek dezelfde namen circuleren van belangrijke inheemse families. Vóór 1629 telde de Broederschap al uitheemse namen in haar ledenbestand, maar dan betrof het vaak leden van de hoge adel in de Nederlanden. Na de cesuur van 1629 echter, verschenen er steeds meer namen die voor de Meierij van Den Bosch uitheems klonken en die kennelijk met de nieuwe bestuurlijke orde meekwamen zoals Van Heerma, Van der Does, Zoreth, Verster, Van Loë en veel anderen. Ook het Centraal Bureau voor Genealogie had al in 1965 een vijftal gelijksoortige wapenboeken in bezit, onder andere via het legaat Van Beresteyn. Deze hebben bij nader inzien dezelfde illustrator als Wapenboek I van de ILV Broederschap.


Identificatie van de illustrator

Wapenboek I telt vanaf folio 42 verso tot folio 141 met waterverf gekleurde wapens, gemaakt door één en dezelfde persoon. De laatste pagina's met wapens zijn duidelijk door een andere achttiende eeuwse hand getekend. Omdat nergens een signatuur te zien is, mag hier gezegd worden dat het werk "zichzelf signeert". Om heraldisch tekenaars van elkaar te onderscheiden kun je het beste kijken naar hun leeuwen. Leeuwen zijn tamelijk complex en hebben daardoor altijd een neerslag van de persoonlijke hand. Wapenboek I van de Illustere Lieve Vrouwe Broederschap is grotendeels geïllustreerd door Job Marten de Lange. Het was niet moeilijk om de overeenkomst te zien tussen de leeuwen in deze delen en de leeuwen in Wapenboek I. Ook de kronen komen volledig overeen.

Het wapen van Willem de Zwijger in Wapenboek I, omgeven met de orde van het Gulden Vlies

Een leeuwtje waaraan De Lange zo goed te herkennen is


Job de Lange produceerde meerdere heraldische handschriften die in opzet veel weg hebben van Wapenboek I van de Broederschap. Zo maakte hij aan de hand van een lijst van schepenen van de stad Gorinchem (zijn geboorteplaats) twee keer een wapenoverzicht. Eén lopend vanaf het jaar 1300 (voorheen in bezit van de graaf van Looz) en één boekje dat in 1897 berustte bij Mr. J. Acquoy (lopend over de periode 1315-1783)( De Nederlandsche Heraut, Tijdschrift op het gebied van Geslacht-, Wapen- en Zegelkunde, 1897). Een aanzienlijk deel van De Lange's oeuvre zou in de late achttiende eeuw in handen geweest zijn van Barend van Lockhorst. (Jurriaan van Toll, Nederlandsche sibbekundigen, Naarden 1944).


De Lange's leven en werk (1652-1732)

Job Martin (of Hiob Marten) de Lange kwam uit een welgestelde familie en was aldus hemzelf "Gebooren tot Gorinchem den 11 Junij 1652". Zijn vader was de Gorkummer schepen Marten de Lange, zijn moeder Helena Rochatis (zie voor zijn voorgeslacht J.D. Wagner, de Nederlandsche Heraut, 1897). Over zijn levenswandel, weten we - afgezien van zijn heraldische productie - vrijwel niets. Bekend is dat hij als gedreven kopiist heraldische gegevens verzamelde tot aan Noord-Frankrijk toe, wat mijns inziens toch wel moet duiden op voldoende middelen. Zijn heraldische activiteiten waren vooral liefhebberij, maar ook deels in opdracht. Uit een post uit de stadsrekeningen van 's-Hertogenbosch d.d. 1720, is bekend dat hij wapens schilderde, misschien voor in een representatieve ruimte van het stadhuis: "Item betaelt aen J.M. de Lange 24 gulden 18 stuivers voor het schilderen van de wapens der 40 heeren van de leeden dezer stadsregering." (Van Zuijlen, Stadsrekeningen, 1871).
Via Anton Schuttelaars van het Brabants Historisch Informatie Centrum kregen we onlangs te horen dat meerdere van dergelijke deze kaarten onlangs zijn 'herontdekt' (zie onder, BHIC, Collectie kaarten en tekeningen (343), inventaris nummers 6966, 6967, 6968) uit de jaren 1723, 1724 en 1731. Schuttelaars merkt naar aanleiding van deze blogpost terecht op dat ook deze wapens door Job de Lange moeten zijn getekend. Mogelijk maakte De Lange regelmatig zulke kaarten in opdracht en is die uit 1720 toevallig door Van Zuijlen opgenomen in zijn selectieve uitgave van de stadsrekeningen.


Bovenstaande kaart dateert uit 1723.

Ook het werk voor Wapenboek I zal in opdracht zijn gebeurd. Waarschijnlijk leefde De Lange op latere leeftijd in of rond 's-Hertogenbosch. Hij was al oud toen hij in 1726 nog afreisde naar Oirschot om daar gegevens op te tekenen. Zijn productie heeft overigens nooit iets in druk opgeleverd.


Kritiekloos of objectief?


Als kopiist tekende De Lange - plat gezegd - wat hem voor de neus kwam. Dit waren vaak bronnen die veel ouder waren dan hijzelf. Omdat daar soms foutjes of manipulaties (zoals bij kwartierstaten) in zaten, lijkt hij soms onbetrouwbaar. Zo werd eens gezegd dat "hij zijn bronnen weinig critisch heeft benut" (Mededelingen CBG, 1965, nr. 2/3). Daarbij wordt vergeten dat hij een tekenaar was en geen genealoog. Een controle vanuit mijn eigen familiegeschiedenis laat zien dat hij vooral een trouwe kopiist was. Dat kan een kwaliteit zijn, omdat andere bronnen dan als het ware 'door de maker heen' spreken. De Lange nam enerzijds per ongeluk gemanipuleerde data van de beruchte falsaris Chr. Butkens via een gefabriceerde 17de eeuwse geslachtslijst over, maar tegelijkertijd wist hij zeven kwartieren van de kinderen Van Breugel die De Lange's tijdgenoten waren en in het naburige Sint-Michielsgestel woonden, feilloos op te sommen.

Een heraldische kwartierstaat van tijdgenoten van De Lange

vrijdag 11 juni 2010

Inventaris archief Chambre Héraldique

Bij de Hoge Raad van Adel te Den Haag berust een deel van het archief van de Chambre Héraldique (de Heraldieke Kamer). Het gehele archief verhuisde in 1794 van Brussel naar Wenen. Pas in 1826 stemde de regering te Wenen in met teruggave van het archief en werd het naar Den Haag overgebracht. In 1843 werd het grootste deel van het archief van de Chambre Héraldique aan België teruggegeven. Het restantarchief dat zich bij de Hoge Raad van Adel bevindt, bevat fraaie handschriften met wapentekeningen, zoals een wapenboek van de landmeter Jan Jansz Potter uit 1560. Verder zijn er genealogieën in te vinden van vooraanstaande geslachten als Van Borsele, Crabeels, Van Egmond, Van Kinschot en Van Teilingen. In deze publicatie treft men ook een beschrijving aan van de algemene handschriftencollectie van de Hoge Raad van Adel aan en van de daar gedeponeerde archieven van de families Van Dompseler, Van Fridagh, Hoeufft, Van Nagell, Nahuys, Von Steiger en Groot Haesebroek.

J.C. Kort en E.J. Wolleswinkel, Het archief van de Chambre Héraldique, de handschriftencollectie van de Hoge Raad van Adel en enkele gedeponeerde familiearchieven Archiefinventarissen van de Hoge Raad van Adel, deel 10 (’s-Gravenhage: Hoge Raad van Adel 2009) 223 blz., ill., index. ISBN 9789077576045.

Verkrijgbaar bij de Hoge Raad van Adel, Nassaulaan 2b, 2514 JS ’s-Gravenhage. Prijs € 10,-.

Zie: http://www.hogeraadvanadel.nl/.

vrijdag 2 april 2010

Een dedicatio in de Walburgiskerk te Zutphen

door Guus van Breugel

Zutphen herbergt in een aantal openbare gebouwen en woningen fraaie middeleeuwse plafond- en wandschilderingen die ooit aan onderzoek onderworpen zijn geweest. Hoewel dit ook in de Walburgiskerk het geval was, is de historische achtergrond van een schimmige wandschildering op een zuil in het koor van die kerk nog niet nader uitgewerkt. De afbeeldingen van het in tweeën doorsneden paneel van ongeveer 2,50 meter hoog, zijn eenvoudig te duiden (afb. 1 hiernaast). Boven de Heilige Maagd met Christus op haar rechterarm; daaronder kan een geoefende kijker met gemak boven ooghoogte een ridder met een kruis op zijn uitrusting herkennen. Bij restauratie is in de tweede helft van de jaren ’90 een gedeelte van de schildering - die goeddeels uit rode vlakken bestaat - aangevuld met rode verf.


Een ridder in de kerk?

Voor wat de onderzijde van de schildering betreft, ligt een associatie met Sint-Joris ligt voor de hand, maar in dat geval zou het kruis altijd rood op zilver zijn geweest. Bovendien is er in deze kerk al een andere latere Sint Jorisschildering te zien. Er bestaan veel meer ‘ridder’- of soldatenheiligen: Adriaan, Maarten en Theodosius. Maar deze zijn alle drie Romeins van oorsprong en niet op een dergelijke manier in kleding gehuld met een kruis. Ook Sint Bavo, een edelman, valt af: hij wordt meestal met een valk afgebeeld. Men mag in deze context veilig aannemen dat het kruismotief staat voor Utrecht. Het kruis was bij uitstek de verzinnebeelding van een geloofsgemeenschap en kwam als wapen voor het eerst voor op het zegel van Jan van Sierck, bisschop van Utrecht (1291-1296). Ongeveer in dezelfde tijd kozen de bisdommen Trier en Keulen voor een kruis.[1] Men zou met ‘onze’ ruiter nog kunnen denken aan een burggraaf van Utrecht, maar die zwaaide alleen de scepter over de stad Utrecht en had geen aantoonbare band met Zutphen. De ruiter is niet symbolisch bedoeld, maar is een eigentijdse, historisch correcte weergave van de bisschop van Utrecht. Ter vergelijking: uit 1330 stamt een reliëf van de bisschop van Keulen, gehuld in wapenrusting met een mijter op zijn helm. Het was in de veertiende eeuw dus niet ongebruikelijk om bisschoppen, behalve op hun stoel, ook martiaal af te beelden.

(afb. 2) de bisschop van Keulen in hoogreliëf, ca. 1330

Stijlanalyse

Ruimtebeperking op de zuil maakt dit deel van de voorstelling een beetje gekunsteld en gedrongen: een relatief lange krijger zet zichzelf schrap op een klein paardje dat van links naar rechts draaft. Aan zijn lans is hetzelfde kruis op een vlag herhaald. De schildering die mogelijk met een lijmverf of tempera is uitgevoerd, is deels lineair, deels vlakmatig, maar steeds zonder schaduwen.[2] De vormentaal sluit aan op ruitervoorstellingen op munten en zegels uit de periode 1275-1325. Met name hoe het paard opgewonden zijn staart onder het sierlijk wapperende dekkleed heft, is karakteristiek voor ná 1300.[3] Als we in de Noord-Europese context kijken, ligt er een vergelijking met ruiterzegels van andere hoogadellijke lieden voor de hand. Aantoonbaar is het geenszins, maar mogelijk is de schildering gemaakt met een dergelijk zegel als stijlvoorbeeld.



(afb. 3) Een digitale beeldreconstructie van de Zutphense schildering door de auteur.



Kostuumhistorische analyse

De datering wordt specifieker als de uitrusting van man en paard vanuit een typologisch aspect gezien wordt. Opvallend zijn de rechthoekige schouderschildjes waarop het wapenbeeld is herhaald. Het betreft de britsieren.[4] Door de hoge positie op de schouder, schuin liggend tegen de helm, konden dergelijke schildjes een zwaardklap af laten vloeien. Dit werd vooral effectief in combinatie met de kuiphelm, die conischer van vorm was dan zijn voorganger, de pothelm. De helm draagt net als het paardenhoofd een zogenaamde crista, een soort hanenkam of scherm waar het wapenbeeld op herhaald werd (vergelijk het woord crest dat in de Britse heraldiek gebruikt wordt voor het helmteken). Als helmteken ontbreekt nog de ‘kuip met pauwenveren’ die aan het eind van die eeuw werd geschilderd door de heraut Gelre (zie afb. 4 hiernaast). Het betreft dus hier nog een betrekkelijk primitief helmteken, feitelijk niet meer dan een heraldisch draagvlak. De steel van het helmteken moet de afwaaiende sluier - nog vaag zichtbaar - hebben vastgehouden, zo is het althans bekend van andere voorstellingen uit de late dertiende- en vroege veertiende eeuw. De combinatie van de geheven paardenstaart, britsieren, helmteken en de afhangende sluier wijst sterk in de richting van het jaar 1310, want de geheven paardenstaart was - zoals gezegd - een stijlkenmerk van vooral ná 1300. De helmsluier was juist vóór 1315 wat dominanter. Het schild, waarvan nog een vage schaduw over was, is bijna driehoekig van vorm (met licht uitgebogen zijden) en dat komt ook volledig overeen met de geschatte tijdspanne. Duidelijk is hoe de contouren van het zadel om de heuppartij van de ruiter grijpen, zodat hij bij een lansstoot blijft zitten. Men zat toen echt ‘in’ het zadel. Dan de lans: deze wordt niet onder- maar bovenhands vastgehouden. De gedrongen positie van de afbeelding kan de reden zijn tot een ingekorte weergave ervan. Eerder is hier sprake van een speer, die meestal niet langer dan 1.50 meter mat. De vlag is een tweeslippige wimpel zoals deze rond deze tijd gebruikt werd door lieden die de ridderslag hadden ontvangen. Hoewel fors uitgevallen, is het zeker geen banier. Een banier zou hier als territoriaal signaal misplaatst zijn, want Zutphen was geen staatkundig deel van het bisdom, maar viel slechts als geloofsgemeenschap onder de bisschop. Het schild is nog niet belegd met het verwachtingsschild waarop de bisschop zijn familiewapen kon plaatsen (zie afb. 4).



(afb. 5) Stijlontwikkeling van ruitervoorstellingen op zegels: de 'opgeheven paardenstaart' wordt steeds dominanter. Linksboven het zegel van Jean de Jérusalem uit 1288, rechtsonder dat van Aymar de Valence, comte de Pembroke, 1308 (uit: Corpus Sigillorum Neerlandicorum, Martinus Nijhoff, 1937-1940, p. 285).


Contact tussen bisschop en kapittel circa 1310

Bemoeienis van het bisdom met het kapittel van Sint Walburgis (ook wel het kapittel van Zutphen genoemd) is er doorlopend geweest, maar een exacte begindatum is duister.[5] De twaalfkoppige kern van het kapittel bestond uit kanunniken (wereldlijke geestelijken) die onder leiding van een proost baden en zongen op gezette tijden van de dag. De kerk, die al in de elfde eeuw bestond, nam met deze kapittelheren een prominente plaats in binnen het Zutphense en werd in 1105 door de uit Beieren afkomstige bisschop Burchard aan de Beierse heilige Walburgis gewijd. Utrechts contact met het kapittel liep meestal via zaakwaarnemers van de bisschop, maar zoekend met een ruime marge tussen de jaren 1290-1320 (en preciezer tussen 1300-1315 op basis van de combinatie van helmsluier en geheven paardenstaart) is er in de Zutphense oorkonden slechts een kort tijdsbestek aan te wijzen waarin de bisschop zich persoonlijk kenbaar maakte.




Zo begint een akte (afb. 6, boven) uit 1309 met: ”Nos Gwydo dei gratia…episcopus Traiectensis...”. Het beschadigde zegel in groene was toont een bisschop op zijn traditionele stoel. Het gaat om Gwydo (Gwijde) van Avesnes, uit het huis van Henegouwen (ca. 1253 - Utrecht, 28 mei 1317). Hij ruilde goed van het bisdom in de Bakerwert uit het hof Tammingh met goed van dit kapittel van Zutphen te Tjoene, bij Deventer.[6] Ook zou Gwydo in 1310 een conflict beslecht hebben aangaande oude, inmiddels door landheren en pachters te Lochem aangevochten bezitsverhoudingen. Ten gunste van het kapittel liet Gwydo een bevestiging opmaken. Deze verwijst naar een heel oude situatie van rond 1059 waarvoor men in 1310 een falsum heeft opgevoerd.[7] Het regest meldt: “Gwydo, bisschop van Traiectum, bevestigt voor deken en kapittel van de kerk van Zutphania het bezit van de tiend in Lochem en die van de weerden van Renen tot Arnhem en van Arnhem tot Daventria, zoals die hun ware toegekend door zijn voorganger, bisschop Wilhelmus”.[8] Daarna verdwijnt de bisschop voorlopig uit het kapittelarchief.
Het is niet mijn doel om hier een biografie van Gwydo van Avesnes uit te werken. Wel is het in deze context relevant dat hij succesvol en relatief geliefd was, juist vanwege zijn wereldlijke levenshouding.[9] Hij werd in 1301 - met steun van de Franse koning en de pauselijke curie - bisschop. Maar pas in 1309 werd hij als wereldlijk vorst erkend door de gekozen Rooms-koning. Een bisschop van Utrecht was normaliter een vorst als alle andere. Gwydo echter, kwam uit het machtige vorstenhuis van Henegouwen dat tal van hoge kerkelijke posities wist te bemachtigen. Zijn broer, Jan II, was graaf van Holland en kennelijk een gevreesde partij in het politieke schaakspel. Gwydo werd vóór 1300 als zijn handlanger in Holland gezien.


Voorlopige conclusies
  • De schildering is hoogstwaarschijnlijk een dedicatio, een opdracht of blijk van waardering voor persoonlijke bisschoppelijke inspanning voor het kapittel. Daarbij maakt de datering van circa 1310 het de oudste weergave van een Utrechtse bisschop als krijger.
  • De afbeelding geeft in ieder geval een oudere versie van het bisschoppelijk wapen weer, met als helmteken een scherm, in plaats van de later bekende heraldische kuip met pauwenveren. Het hartschild, dat later in de veertiende eeuw gebruikt wordt voor het familiewapen van de bisschop, ontbreekt nog.


[1]H. de Vries: Wapens van de Nederlanden, de historische ontwikkeling van de heraldische symbolen van Nederland, België, hun provincies en Luxemburg, Uitgeverij Jan Mets, Amsterdam, 1995.
[2] In het Stedelijk Museum Zutphen bewaart men nog een dergelijk muurfragment met krijgers van rond die tijd, afkomstig van achter het behang van een woonhuis.
[3] In het derde kwart van de dertiende eeuw ziet men dit stijlelement opdoemen in Vlaanderen, maar na 1300 lijkt het overal in Noordwest Europa school te hebben gemaakt. Vergelijk de afbeeldingen in: E. Warlop: De Vlaamse adel voor 1300, Handzame, 1968.
[4] Vergelijk met het woord brits of in het Duits, Brett: plank.
[5] Regionaal Archief Zutphen, Archief van het kapittel van Sint Walburgis, 1059-1606 (toegang 325).
[6] Regionaal Archief Zutphen, Archief van het kapittel van Sint Walburgis, 1059-1606 (toegang 325), inventarisnr. 148, regest 36.
[7] Gelre nr. 31, Vereeniging tot beoefening van Geldersche Geschiedenis Oudheidkunde en Recht (bijdrage W. de Vries: De opkomst van Zutphen), S. Gouda Quint-D. Brouwer en zoon, Arnhem, 1960.
[8] Regionaal Archief Zutphen, Archief van het kapittel van Sint Walburgis, 1059-1606 (toegang. 325), regest 37.
[9] D. de Boer, E. Cordfunke (et al.): Eén graaf, drie graafschappen. De vereniging van Holland, Zeeland en Henegouwen (bijdrage B. van Hoven van Genderen: Een bisschop uit het zuiden, Gwijde van Avesnes tussen Utrecht en Holland), Hilversum, 2000.